|
Tot eind 2006 richtte het Vlaamse inburgeringsbeleid zich alleen tot anderstalige nieuwkomers. Vanaf 1 januari 2007 komen ook sommige categorieën van mensen die hier al langer zijn - de zogenaamde oudkomers - in aanmerking voor inburgering. Het nieuwe inburgeringsdecreet gebruikt de term 'inburgeraar' voor mensen die doelgroep zijn van het inburgeringsbeleid. Alle inburgeraars hebben recht op een inburgeringstraject. Een deel van hen is verplicht een inburgeringstraject te volgen. 'Verplichte' inburgeraars vormen de prioritaire doelgroep, naast enkele categorieën van 'rechthebbende' inburgeraars. Op 2 maart 2008 veranderde de doelgroepomschrijving voor de tweede keer. De Vlaamse Regering past de doelgroep aan de nieuwe verblijfswet aan. Hieronder beschrijven we beknopt de doelgroep van het Vlaamse inburgeringsbeleid. Alle details vind je in de VMC-brochure doelgroep inburgering (nieuwe versie, juli 2008). Wie heeft recht op een inburgeringstraject?Zowat alle allochtonen die in Vlaanderen of in Brussel ingeschreven zijn in het Rijksregister (bevolkingsregister, wachtregister of vreemdelingenregister) hebben recht op een inburgeringstraject: - Alle vreemdelingen met verblijfsrecht in België, behalve: asielzoekers van wie de asielprocedure nog geen vier maanden loopt en mensen die hier met een tijdelijk doel verblijven
- Belgen die in het buitenland geboren zijn en van wie minstens één ouder ook in het buitenland geboren is
Wie één keer ingeschreven is in het Rijksregister, blijft recht hebben op een traject, zonder eindtermijn. Behoren niet tot de doelgroep van inburgering, omdat ze niet ingeschreven worden in het Rijksregister: - toeristen
- diplomaten
- vreemdelingen zonder wettig verblijf of met alleen een aankomstverklaring.
Wie is verplicht een inburgeringstraject te volgen in het Vlaams Gewest ?Sommige inburgeraars moeten zich binnen de drie maanden aanmelden en het vormingsprogramma van het primaire inburgeringstraject volgen. Zijn verplicht: - Vreemde nieuwkomers die voor het eerst ingeschreven zijn in het Rijksregister met een verblijfsdocument dat langer dan drie maanden geldig is en die een van de volgende verblijfsstatuten hebben:
- Gezinsherenigers van buiten de Europese Unie (EU), de Europese Economische Ruimte (EER: IJsland, Liechtenstein, Noorwegen) of Zwitserland.
Voorwaarde is dat het gaat om gezinshereniging:
- met een Belg die geen gebruik maakt van het vrij verkeer in de EU, EER en Zwitserland
- met iemand die geen onderdaan is van de EU, EER of Zwitserland (tenzij de persoon een arbeidsmigrant is, vrijgesteld van de inburgeringsplicht).
- Erkende vluchtelingen
- Mensen met het statuut van subsidiaire bescherming
- Slachtoffers van mensenhandel
- Geregulariseerden of mensen met een discretionaire verblijfsvergunning
- Asielzoekers van wie de asielprocedure langer dan vier maanden duurt zijn verplicht een cursus maatschappelijke oriëntatie te volgen.
- Belgische nieuwkomers die in het buitenland Belg geworden zijn en die voor het eerst naar België komen als ze ouder zijn dan 17: ze zijn verplicht als ze nog geen twaalf opeenvolgende maanden ingeschreven zijn in het Rijksregister
- Minderjarige anderstalige nieuwkomers die 18 jaar worden: ze worden verplicht als ze nog geen twaalf opeenvolgende maanden ingeschreven zijn met een verblijfsdocument van meer dan drie maanden.
- Bedienaars van erkende erediensten
Welke groepen krijgen voorrang in Vlaanderen?Naast de verplichte inburgeraars, krijgen ook sommige groepen die niet verplicht zijn voorrang: - Gezinsherenigers onder de 65 van buiten de EU, die zich in Vlaanderen vestigen via gezinshereniging met iemand uit de EU, EER of Zwitserland
- Oudkomers onder de 65:
- met OCMW-steun of een werkloosheids- of wachtuitkering
- die meer dan twaalf maanden ingeschreven zijn in het Rijksregister
- Huurders of kandidaat-huurders van een sociale woning in Vlaanderen
- Ouders of voogden van een schoolgaand of leerplichting kind
Wie wordt vrijgesteld van de inburgeringsverplichting? Sommige mensen die behoren tot een van de hierboven vermelde groepen worden vrijgesteld van de verplichting: - mensen met een verblijfstitel van niet meer dan drie maanden
- 65-plussers (behalve bedienaars van erediensten)
- -18-jarigen
- onderdanen van de EU, de EER of Zwitserland en hun gezinsleden
- onderdanen van de EU, de EER of Zwitserland die 'langdurig ingezetene' zijn in een EU-lidstaat is en die daar al aan integratievoorwaarden voldaan hebben: zij moeten alleen nog een cursus Nederlands volgen
- mensen met een getuigschrift van het Belgisch of Nederlands onderwijs of van een volledig jaar onthaalonderwijs
- ernstig zieken of met een handicap
- mensen die het attest van inburgering al behaald hebben
- arbeidsmigranten (en hun gezinsleden) met arbeidskaart B of met beroepskaart of die daarvan vrijgesteld zijn.
Wie krijgt voorrang in het Brussels Gewest?Niemand in het Brussels Gewest is verplicht een inburgeringstraject te volgen. Sommige inburgeraars krijgen wel voorrang: - de categorieën die in het Vlaams Gewest verplicht zijn om in te burgeren. Zij zijn prioritaire doelgroep in Brussel;
- nieuwkomers of gezinsherenigers onder de 65 en van buiten de EU, als het gaat om gezinshereniging met iemand uit de EU, EER of Zwitserland;
- oudkomers onder de 65 met OCMW-steun, een wacht- of werkloosheidsuitkering, op voorwaarde dat ze een verblijfstitel hebben van meer dan drie maanden;
- de ouder of voogd van een schoolgaand of leerplichtig kind;
- kandidaat-huurders van een sociale woning in het Vlaams Gewest.
SanctiesSinds 1 maart 2009 kan een administratieve geldboete opgelegd worden aan inburgeraars in Vlaanderen (niet in het Brussels Gewest): - Wie zich niet aan de verplichting houdt, kan een administratieve geldboete krijgen. Die boete ontslaat de betrokkene niet van de verplichting, en loopt op bij elke nieuwe inbreuk, van 50 tot 5000 euro.
- Er geldt ook een boete van 150 euro voor wie vrijwillig een inburgeringscontract ondertekent en de vormingscursus dan onrechtmatig vroegtijdig beëindigt.
De boetes gelden niet voor wie al een inburgeringscontract heeft van voor 1 maart 2009. De boetes gelden ook niet als de inburgering is opgelegd door het OCMW of door de VDAB. Meer info op de website vreemdelingenrecht.
|